Wetenswaardigheden

Wetenswaardigheden met betrekking tot ’t Olde Seesink

Bezoek graaf Albert Oswald Frans van den Bergh.
In de tijd dat Gerlich Seesink de pachter van de boerderij ’t Olde Seesink was, is er meerdere keren sprake geweest van een verblijf van de graaf Albert Oswald Frans (Oswald III) van den Bergh op de boerderij Seesink. Dit blijkt uit in het archief gevonden rekeningen. In 1677 en 1682 werden kosten voor het verblijf na een (St.Hubertus) jachtpartij in rekening gebracht. Men betaalde onder andere voor ‘biers, schincken, broot, haver en botter’.

Handtekening van Jan Seesink.

Dit is de handtekening van Jan Seesink in 1748.

handtekening

Steven Seesink als timmerman.
Naast pachter van de boerderij was Steven Seesink, gezien de diverse aannemingen in het archief van Huis Bergh, tenminste vanaf 1762 tot 1772 vooral ook actief als timmerman. Onder andere met betrekking tot de molen van Gendringen en Zeddam; behorende tot de 4 grafelijke molens van de Heren van Bergh. De grafelijke molen van Zeddam is van de vier grafelijke molens nog de enige bestaande molen. De molen stamt uit de 15e eeuw en is daarmee de oudste, nog bestaande torenmolen van Nederland.

[Transcriptie]
Besteck van Reparasie aan De Moolen tot Gendringen

  1. een kruijas lanck 7 1/2 voet swaer 12 Duijm Kant Eijcken hout zonder spint of eenig graat daer bij twee schijven over het Kruijs 23 Duijm Dijck 5 Duijm
    Daer bij negen Staeve van Mispelen Houdt ider lnck Lanck 20 Duijm Dijck 3 1/2 duijm
  2. nog 36 drugschijven swaer over het Kruijs 13 duijm dick 5 1/2 Duijm
    nog 60 Kierschijve over het kruijs 9 duijm dick 2 1/2 duijm de schieve gesont buiken hout
  3. nog twee stucken in de dael lank 7 voet dijck 4 duijm breet 14 duijm bogt 5 duijm
    Deeze stucken van gesont Eijcken hout sonder eenig graat
  4. nodig 70 voet Eijken duijms planken tot het koovel Eind
  5. noodig Twee Sweerde in de Rosmoolem lank 8 voet swaer 5 en 6 Duijm
    Nog twee van 6 voet swaer 5 en 4 Duijm Deeze van gesont Eijcken Hout sonder eenig graat. alle Rijnlantse maet

Deze reparasi is nodig geweest om meerder schade voor te koome provifioneel Hendr Tullender voor 50 gl.                D. Scheers

bij de twede veijling aennemer geworden Steven Sesinck op f 27 – –
de leveransi is rigtig afgeleevert sheerenbergh den 2 augustus 1764, D. Scheers

Voldaen den 13 august 1764 door de heer rentmeester Henningh
Steven Seesink

 

[Transcriptie]
Molen van Zeddam.
Nogh een ordonnantie van den 29 august 1769 heefft den rendant betaelt aen Steven Seessinck eene summa van 10 gulden en 10 stuivers. Ijn de maendt ijulijus tot dijnst van het hooggraeflijke huijs Berg mijnen blokwagen onder een meule asse, ijn Breedenbroek op gelaeden, tot Zeddem onder de moole gebragt daer voor gehadt twee peerde daer bij twee knegten en twee handt wijnden. Daer aen verdijnt 10 gulden 10 stuivers. Steven Seesijnk

Desen block waage moete gebrucken omdat den as op geen gemeine waggen konde krigen en niet minder heb kunne accordere verklare s Heerenbargh den 8 juli 1769 D. Scheers. In qualiteijt als Administrator van ’t Hooghgraeffl. Huijs Bergh laste en authorisere de Heer Rentmeester Henning dese reekening in conformiteijt van ’t geaccordeerde met tien guldens tien stuvijr te betalen, die bij ‟t doen sijner reekening tegens behoorlijke quitantie in uijtgave worden geleede ‘s Heerenberg de 29 august 1769 J.N.

Hoevel Nevenstaende thien gulden thien stuivers sijn mij ondersr. door de rentmeester Henning betaelt Steven Seesink

 

Faillisement
Stephen Sesinck was de laatste pachter van de boerderij Seesink met de naam Seesink. In 1769 staat Steven op de rand van een faillissement, maar het faillissement wordt afgewend door borgen. Uiteindelijk gaat hij in 1774 alsnog failliet en volgt inbeslagname, inventarisatie van de goederen en verkoping. Waardoor Stephen Sesinck mogelijk failliet ging is te lezen in het boek ’t Olde Seesink.

Na verloop van tijd mocht hij een huisje bouwen nabij de boerderij en werd hij in 1779 pachter van een stukje grond op het Goet Seesink, terwijl zijn zwager Frederik Elshof pachter is geworden van het Goet Seesink. Informatie over dit stukje grond vind u terug op deze website onder de naam Nibbelinkstuk.

Rot
In de volkstelling van 1787 wordt vermeld ‘Het rot van Steven Zesink’. Getuige deze vermelding had hij in de buurt van het Nibbelinkstuk een functie als hoofdman (rotmeester) van een rot.