Transcriptie 14

De volledige bevestiging van aanbesteding (4 mei 1867)

transcriptie 14.1

Gedaan te ’s Heerenberg den 4 mei 1867.
Na voor afgegane bekendmaking zijn op heden door Joseph Grimm Administrateur der in de Nederlanden gelegene bezittingen van Zijne Koninklijke Hoogheid den Vorst Carl ….van Hohengoltern Sigmaringen, wonende te ’s Heerenberg. aanbesteed de werkzaamheden en levering van het bouwmaterieel voor de vergrooting der schuurgebouwen op de bouwhoeve Seesink onder Varsseveld en wel in het openbaar en onder de navolgende voorwaarden.

A. Algemeene voorwaarden

Art. 1
De bouw moet naauwkeurig volgens de teekening en het bestek, waarvan de aannemingslustigen inzage hebben genomen worden uitgevoerd. Door alles wat daarin niet nader bestemd is zijn de navolgende bepalingen van den Administrateur of van den door hem met de uitvoering van den bouw belasten Architekt Arnoldus te Wiel te Azewijn,van toepassing.

Art. 2
De maat war naar de toekenning en het bestek zijn gemaakt en de uitvoering moet geschieden, is den Nederlandsche.

Art. 3
Alle werkzaamheden en leverantien, welke naar ’s lands gebruik noodig zijn tot de volledige uitvoering van den

bouw in zijn geheel of in zijne deelen moeten ook als zij niet uitdrukkelijk in het bestek zijn opgenomen zonder bijzondere vergoeding worden gedaan.

Art. 4
Mogten er afwijkingen van de oospronkelijke teekening en bestek bevolen worden, dan is de aannemer verpligt deze ongeweigerd uittevoeren; worden zijne verpligtingen daardoor vergroot, dan ontvangt hij eene vermeerdering naar evenredigheid van den aannemingsprijs, verminderen deze zich, dan moet hij zich eene korting mede naar evenredigheid van den aannemingsprijs laten gevallen.

Art. 5
De aannemer moeten in zoover daaromtrent niet uitdrukkelijk anders wordt bedongen niet alleen de arbeid verrigten maar ook al het daartoe noodige materieel, stijgers en gereedschappen leveren. De stijgers moeten zoodanig worden gesteld dat zij zonder gevaar kunnen begaan en met bouwmaterieel bezwaard worden.

Art. 6
De aannemers moeten alle werkzaamheden volkomen goed uitvoeren en slechts goed materieel gebruiken. Wordt het laatste aan zijde des Vorsten of door derden geleverd en houdt de aannemer der werkzaamheden de bouwstoffen niet voor goed en aan het doel beantwoordende, zoo is hij verpligt daarvoor mededeeling aan

transcriptie 14.3

aan Architekt te Wiel te Wiel te doen.
Wordt eenig werk of eenige bouwstoffen door den Administrateur of den Architekt te Wiel afgekeurd, dan zal de Administrateur bepalen welke verbeteringen door den aannemer moeten worden gedaan of welke korting op den aannemingsprijs hij zich wegens gebrek in de uitvoering moet laten welgevallen. In het eerste geval moet hij alles afbreken wat in den weg staat en wanneer het werk van een derde daardoor schade lijdt, dezen naar bepaling van den Administrateur daarvoor vergoeding geven.

Art.7
Werklieden welke den aanbesteder niet bevallen moeten van het werk verwijderd en door betere vervangen worden.
Hetzelfde is ook op de bouwstoffen van toepassing.

Art. 8
Elk aannemer moet de bevelen van den Architekt te Wiel die met het opzigt over den bouw is belast, in zoover deze niet met de teekening en het bestek in strijd zijn onvoorwaardelijk opvolgen.
Vindt de aannemer een bevel van den Architekt onuitvoerbaar en doelmatig of bezwarend zoo moet hij zijn meening aan de beslissing aan den Administrateur onderwerpen, welke als dan moet worden nagekomen. De aannemer kan daarom eventuele gebreken of voor te komen

transcriptie 14.3

kosten niet aan de bevelen aan te Wiel toeschrijven.

Art. 9
De aannemer moet in zoover dit door den aanbestedes verlange wordt bij den bouw zijn en zelf medewerken. Zonder toestemming aan den Administrateur mag het aangenomene of een gedeelte daarvan aangeen derden wordn overgedragen.Sterft de aannemer voor dat het werk is tot stand gebragt dan staat het den aanbesteden vrij zijn erfgenamen met de voltooijing te belasten, of hen van de verdere verpligting te ontslaan. In het laatste geval bepaalt de Administrateur naar evenredigheid van den aannemingsprijs de vergoeding voor het uitgevoerde merk.

Art. 10
Wanneer een aannemer of zijn werklieden bij ongeuk of opzet iets aan den bouw of aan de op de bouwplaats zich bevindende voorwerpen beschadigen dan moet de aannemer eene schadeloosstelling door den Administrateur vasttestellen geven.

Art. 11
Elk aannemer moet zorgen dat alle bestaande politie voorschriften bij den bouw worden opgevolgd. Wordt er wegens overtreding derzelven straf opgelegd, dan moet de aannemer deze dragen od dezelve aan den aannemer vergoeden.

Art. 12
De aannemers zijn elk voor zoover hem betreft verpligt na voltooijing van het werk:
de puin en afval welke van het door hem aangenomen werk ontstane zijn, van den bouw en de bouwplaats zuiver opteruimen en
de teekening in goeden staat terugtelaten, of zoo dit niet meer mogelijk is, de kosten van een nieuwe teekening te betalen.

Art. 13
De bouw moet in alle zijn deelen voor den een onderlijsten Augustus 1867 voltooid zijn. Na bekomene goedkeuring moet met de levering des bouwstoffen en in zoover dit ook zonder de door derden aantebrengen bouwstoffen mogelijk is, mede dadelijk met de werkzaamheden begonnen worden.
Elk aannemer moet zijn levering en werkzaamheden zoodanig inrigten, dat daardoor geen andere aannemer wordt opgehouden.
Mogt daarover twist ontstaan wie van de aannemers de schuld van de ontstane vertraging draagt dan beslist hierover de Architekt te Wiel of de door den aanbestede in zijne plaats benoemde bouwkundige tegen deze beslissing kan niet in hooger beroep worden gekomen.
Komt een aannemer de termijnen zooals die hierna bij de

bijzondere voorwaarden zullen worden vastgesteld niet na dan is de aanbesteden bevoegd op kosten van denzelden tot elker prijs, de vervulling der voorwaarden van aanbesteding te bewerken. De aanbesteder kan met den afloop van der termijn op genoemde wijze handelen zonder dat hij den aannemer in verzuim behoeft te stellen.
Mogt de aanbesteder merken, dat het werk af de leverantie niet spoedig genoeg wordt uitgevoerd dan kan hij den aannemer tot bespoediging aansporen en in geval deze daaraan niet terstond voldoet als voor in het midden treden, even alsof de termijn, over de uitvoering bestemd, niet was nagekomen.

Art. 14
Is er een straf voor het overschrijden van den termijn voor de uitvoering bepaald, bedongen, dan is de aannemer met den afleg van den termijn in verzuim en wel alleen door het verschijnen van den dag, zonder dat er eene inverruimstelling noodig is.
De straf treedt door het enkelde verzuim in, onverminderd de verpligting tot vervulling der aannemingsvoorwaarden en tot schadeloosstelling voor het geval dezelve niet mogte worden nageleefd.
De straf is ten voordeele der vorsten.

Art. 15
Hoelang de aannemer voot het werk en de bouwstoffen moet instaan, bepaald de met, en voor zoo der eene afwijking

transcriptie 14.7

daarvan mogt intreden, de bijzondere voorwaarden. Elk aannemer moet voor de vervulling zijne verpligtingen zekerheid geven, hetzij door het deponeren van roerende goederen of door het stellen van borgtogt.
De beoordeling of eene borgtogt voldoende is, word aan den aanbesteder toegekend. Is de zekerheid door borgtogt gegeven, dan duurt de aansprakelijkheid der borgen zoolang als die der aannemers.
De borgen verbinden zich als hoofdelijke schuldenaars en moeten de toekenning en het bestek mede onderteekenen.

Art.16
Elk aannemer kan wanneer zijn aanneming den prijs van honderd gulden te bovengaat, voor zijn uitgevoerd werk en gedane leveringen van tijd tot tijd betaling op afslag tot op drie vierde zijner verdiensten vorderen. Het laatste vierde gedeelte wordt teruggehouden, tot dat het werk voltooid en de uitvoering van zijde des aanbetsedens is goedgekeurd. De overname van den bouw geschied volgens de voorschriften van . 15 van de verordening op het bouwwezen voor de besturen van genoemden Vorst.

Art. 17
Na de uitvoering van het werk en de levering den bouwstoffen zal niet de aannemers zoonodig na eene vooraf gegane opmeting van het door hem aangenomene werk of leverantie eene slotafrekening gedaan worden, welke

zij door hunne onderteekening moeten goedkeuren. na de slotafrekening is geene navordering meer geldig, behalve voor de gevallen, dat is fouten in de opmeting of uitrekening worden aangewezen.

Art. 18
Tot de aanbesteding worden slechts zulke personen toegelaten, welke des verlangen de noodige bewijzen vangoed gedrag van het bezit der noodige middelen, zoo mede aan geschiktheid en vertrouwen kunnen bijbrengen.
Werklieden, die bij vroegere aanbestedingen gebrekkig werk leverden, zoodat er korting is gedaan, of het werk moest verbeterd worden, zoomede zij die gebleken zijn, onvolgzaam en strijdzuchtig te zijn, worden niet tot de aanbesteding toegelaten.

Art. 19
De hoogere goedkeuring dezer aanbesteding wordt voor behouden, zij zal echter langstens binnen 8 dagen na heden volgen en kan onder omstandigheden ook dadelijk n aafloop des aanbesteding worden gegeven.
De aanbesteden gunt na den Architekt te Wiel te hebben gehoord, de aanbesteding aan den genen, die hj goed vindt. Een ieder blijft voor zijn bod gebonden, tot dat de aannemer zich verklaart heeft, dat hij het niet aanneemt.

Art. 20
De aanbesteding geschiedt eerst in paneelen en dan

transcriptie 14.9

in massa bij wijze van inschrijving, de aanmaningsom moet in Nederlansch geld worden aangegeven

Art. 21
Aanbesteder, aannemers en burgers kiezen ter uitvoering dezer domicilie op het Slot te ’s Heerenberg en ook aan hunne respectieve tegenwoordige en toekomstige woonsteden.

Art. 22
Elk aannemer ontvangt na bekomene goedkeuring het noodige uittreksel uit het bestek in voor zoo verkijkt verlangt, ook afschrift dezer voorwaarden.

B Bijzondere voorwaarden
I Bouwstoffen
Art. 23
1.Hout

Er mag slechts gezond en niet al te oud hout worden geleverd, het hout moet juist de opgegevene zwaarte hebben zoo dat, naar zulks in het bestek bepaald is, het houtwerk kantig kan worden beslagen.
Het gezaagde hout moet zuiver en goed droog zijn. Overvloedig geleverd en gebruikt hout wordt niet betaald. Al het hout moet geleverd zijn op den
25 juny 1867.

Art 24
2. Metselsteenen, dakpannen en kalk

De metselsteenen en dakpannen moeten de gewone grootte hebben en geheel egaal en goed gebakken zijn. Voor de beschadiging der steenen – zoomede van alle andere bouwstoffen – op de bouwplaats wordt door den aanbesteder geene schadevergoeding gedaan. De levering moet hebben plaats gehad van de metselsteenen op den
van de dakpannen op den
van de kalk op den
Voor de duurzaamheid der dakpannen moet de aannemer jaren lang instaan.

Art. 25
3. Gegoten ijzer
Hetzelve moet zuiver en vrij van barsten geleverd worden voor de
1 Augustus 1867.

Art. 26
4. spijkers
deze moeten van bijzonder taai en niet van bros ijzer worden gemaakt en wegens de controle van getal en gewigt in handen van den Architekt te Wiel afgeleverd worden voor den 15 Juny 1867

1 Timmerwerk
Art. 27
Het timmerwerk moet zoodanig worden uitgevoerd dat het metselwerk op geene wijze daardoor wordt opgehouden

transcriptie 14.11

en de bij Art.31 bepaalde termijn niet wordt overschreden. Het dak moet dadelijk na de voltooijing des … gerigt en gelat worden. De tusschen termijnen worden door den Architekt te Wiel gedurende de uitvoering vastgesteld. ingeval van vertraging is de aanbesteder geregtigd, voor elke dag eene straf tot op een bedrag van vijf gulden, aan den aannemer opteleggen.

Art. 28
De in de teekening en het bestek aangegeven constructie moet naauwkeurig opgevolgd en alle verbindingen naauwkeurig en zorgvuldig uitgevoerd.

Art. 29
Wanneer het hout door eenen anderen aannemer of door den aanbesteder wordt geleverd, dan moet de aannemer van het timmerwerk er voor zorgen, dat het hout aan de bepalingen van Art. 23 voldoet.
Bij aldien hij eenige der aan hem geleverde bouwstoffen niet voor goed en doelmatig houdt, dan mag hij dezelve niet gebruiken, zonder vooraf den Architekt te Wiel daarvan kennis te hebben gegeven.

Art. 30
De aannemer moet vijf jaren lang voor zijn werk instaan.

2. Metselwerk
Art. 31
Het werk moet zoodanig worden uitgevoerd, dat zoo

transcriptie 14.12

als reeds in Art 13 is bepaald – de geheele bouw op den 1 October van dit jaar voltooid is, terwijl het gebouw op den 1 September van dit jaar onder het dak gebragt enkel dak behoorlijk met pannen moet gedekt zijn. De tusschentermijnen worden door den Architekt te Wiel gedurende de uitvoering bepaald. Wanneer de aannemer eenig werk op den bepaalde termijn niet klaar heeft, dan is de aannemer bevoegd, hem voor elke dag vertraging eene straf tot op het bedrag van vijf gulden opteleggen.

Art. 32
De kalkspecie moet van goeden kalk en reinzand bereid en zoolang door elkander bewerkt worden tot de de kleinste kalkstukjes zijn opgelost. (Ook mag er niet meer kalkspecie bereid worden, als op denzelfden dag kan worden verbruikt)

Art. 33
Tot de muren mogen alleen goede gebakken steenen worden gebruikt, terwijl de lagen dezelvern steeds waterpas moeten worden gelegd. Mogt de aannemer van het metselwerk de steenen en overige bouwstoffen, die hem worden geleverd, niet voor goed houden, dan mag hij ze niet gebruiken, zonder vooraf zijne meening daarvoor aan den Architekt te Wiel te hebben medegedeeld.

transcriptie 14.13

Elke metselsteen moet onmiddelijk voor hij gelegd wordt, behoorlijk in het water gedompeld en de voegen goed met kalkspecie gevuld worden.

Art. 34
De metselsteenen en dakpannen, welke door een anderen aannemer of door den aanbesteder geleverd worden, moeten zonder bijzondere vergoeding door de metselaar met behulp der voerlieden worden afgeladen en door de eerst genoemden behoorlijk worden opgezet, op dat ze niet worden beschadigd. Zoodra ze afgeladen zijn, is de aannemer van het metselwerk er voor aansprakelijk.

Art. 35
Gehouwen steenen met afgestoten kanten met ingewerkte stukken of andere gebreken waaronder mede eene slechte bewerking behoort, mogen niet als goed aangenomen en gebruikt worden. Zoodra de aannemer van het metselwerk de gehouwen steenen, die hij moet helpen afladen, overgenomen heeft, is hij alleen voor elke beschadiging derzelve, tot na de voltooijing van het metselwerk, verantwoordelijk.

Art. 36
Alle verspringende gedeelten van den bouw moeten zoodra mogelijk na het aanbrengen met planken of strooleen tegen beschadiging verzekerd worden.

Art. 37
De aannemer moet zes jaren lang voor zijn werk instaan.

transcriptie 14.14

3. Smidswerk

Art. 38
De aannemer mag alleen bijzonder goed ijzer gebruiken. Het ijzerwerk moet tot controlering van maat en gewigt op de bouwplaats in handen van den Archtiekt de Wiel worden overgegeven.

Art. 39
Het ijzerwerk moet op die tijd worden geleverd, waarop het bij het metsel en timmerwerk moet worden gebruikt. Bij verzuim is de aanbieder gemagtigd, voor elken dag dat de levering later plaats heeft, den aannemer eene straf tot op het bedrag van vijf gulden op te leggen.

Art. 40
De aannemer moet vijf jaar voor zijn werk instaan.

4. Glas- en verfwerk

Art. 41
De aannemer moet twee jaar voor zijn werk instaan. Na voorlezing dezer
voorwaarden is tot de aanbesteding overgegaan als volgt.

I voor de masse. Hierop is niet geboden
II voor de bijzondere werkzaamheden en leveringen.

1 Levering van het rond dennenhout van N 1 later met 24 van het bestek
G Ispeling houthandelaar te Anholt
bewerkt f 284,50

transcriptie 14.15

G Buils houthandelaar onder varsseveld bewerkt f 248 onbewerkt 240

2 Het eikenhout voorkomende van Nr. 25 tot en met Nr. 36 van het bestek.
B. Isseling te Anholt f 52,30
J.W. Siesting te ’s Heerenberg 42,20
B. Kerkhof te Varsseveld 37,95
G Buil te Varsseveld 37,98

3 Dennendeelen en daklatten bij Nr 37 tot en met nr. 39 omschreven
G. Buil te Varsseveld f 42,93
B. Kerkhof te Varsseveld 55,–
B Joseling te Anholt 63,95
J.W. Liesting te ’s Heerenberg 62,–

4 IJzer en smidswerk van Nr. 51 tot en met Nr. 69
A. Wolters te Sillevolde f 27,80
J. Ratering te Ulft 27,80
I.G. Bolmans te Ulft 27,25

5 gegoten ijzerwerk van nr. 61 tot 63 van het bestek
J.G. Bolmans te Ulft f 18,–
J Ratering te Ulft 17,–
A. Wolters te Sillevolde 17,65
J.W. Liesting te ’s Heeerenberg 18,–

6 spijkers volgens Nr.64 tot en met 75 van het bestek

J.W. Liesting te ’s Heerenberg f 14,–
S.G. Bolmans te Ulft 13,25
J. Ratering te Ulft 13,10
A. Wolters te Sillevolde 13,75

7 het timmerwerk omschreven bij nr. tot Nr. van het bestek

a met bewerking van het ronde hout
A. Kempes te Varsseveld f 95,37
B. Kerkhof te Varsseveld 96,–
J. Vriezen te Varsseveld 107,–

b zonder die bewerking
J. Vriezen te Varsseveld f 101,–

8 Metselwerk omschreven bij Nr. 83 tot en met Nr. 90 van het bestek
Z.L. Derksen te ’s Heerenberg f 164,-
Z.L. Lammers te Varsseveld 150,–

9 Glas- en verfwerk volgens Nr. 91 en 92 van het bestek
H. Wisseling te Varsseveld f 18,–
A. Wolters te Sillevolde 18,50
verdere aanbiedingen zijn niet ingekomen.
Door den aanbesteder is omtrent de levering aan het ronde hout,
waarvan de minste inschrijving is G Buil te Varsseveld, den toeslag
gedurende acht dagen voorbehouden.
de overige perceelen zijn gegund als volgt.

transcriptie 14.17

a De levering van het eikenhout, omschreven bij Nr.25 tot en met
36 van het bestek aan Berend Kerkhof timmerman te
Varsseveld voor zeven en dertig gulden en negentig cents f 37,95
hebbende tot zijne borgen gesteld Goudas Buis houthandelaar
en Hendrik Lammers metselaar beide te Varsseveld.

b De levering van dennen deelen en daklatten volgens nr. 37 tot en
met 39 van het bestek aan Berend Kerkhof hiervoor genoemd
voor vijf en vijftig gulden 55,–
hebbende derzelfde personen als voor tot borger gesteld

c De levering van het ijzer en smidswerk bij Nr. 57 tot Nr. 60 incl.
opgegeven aan Stephanus Theodorus Bollman smid te Ulft voor
zeven en twintig gulden vijf en dertig cents 27,30
hebbende tot zijne borger gesteld Antoon Wolters smid te
Sillevolde en Jan Ratering smid te Ulft.

d de levering van het gegoten ijzerwerk voorkomende bij Nr. 41 tot
en met drie en zestig van het bestek aan jan Ratering smid te Ulft
voor zeventien gulden 17,-hebbende tot zijne borger gesteld
Antoon Wolters smid te Sillevolde Stephanus Theodorus Boll-

mans smid te Ulft.

e De levering van spijkers bij Nr. 66 tot 78 van het bestek
vookomende aan Jan Ratering hiervoor genoemd voor dertien
gulden tien cents 13,10
zijnde dezelfde personen als voor borger voor hem gebleven

f het timmerwerk omschreven van Nr. 76 tot en met Nr. 82 aan
Arend Kempers timmerman te Varsseveld voor vijf en negentig
gulden zeven en tachtig cents 95,87
hebbende tot borger gesteld Berend Kerkhof timmerman en
Wessel Wisselling landbouwer beide te Varsseveld.

g Het metselwerk voorkomende van Nr. 83 tot en met 90 van het
bestek aan Hendrik Lammers metselaar te Varsseveld voor
honderd een en vijftig gulden 151,–
hebbende tot borger gesteld Gradon Buis houtkooper en
Jan Vriezen timmerman beide te Varsseveld

h Het glas- en verfwerk omschreven bij Nr. 91 tot en met 92 van
het bestek aan Wessel Wissling landbouwer te Varsseveld voor
achttien gulden 18,–
hebbende tot zijne borger gesteld Arend

Kempers timmerman en Berend Kerkhof timmerman beide te Varsseveld.
Aldus gedaan op het Slot te ’s Heerenberg op den vierden mei 1800 zeven en zestig en door den aanbesteder, de aannemer en hunne borger onderteekend
G Buil, H. Lammers, S.T. Bal…. ,J. Ratering, A. Wolters, W.Wisselink,
J. Vriezen, B. Kerkhof, A. Kemper, G. Buis, F.H. Administration.

De levering van het bewerkte dennenhout is aan den voren
genoemden G. Buil te Varsseveld toegeweezen te leeveren met
uitzondering de 2 balknes Nr. 3 der bestek waarvoor aan zijne ingeschreevene som in aftrek komt de somma van vijftig gulden
…..zegge f 50,- zoodat zijne aanneming vervat Nr. 1-2-4 tot en
met nr. 24 van het bestek, hetwelk hij heeft aangenomen te leveren
voor de som van tweehonderrd en achttien gulden 218,–
G. Buil

de voorgenoemde 2 stuks dennenbalkens omschreven in Nr. 3 der
bestek zijn aangenomen te leveren in bovenlandsch dennen balkens
zwaar in het midde 37 d in doormeting door B. Ispeling Houtkoper te
Anholt voor de som van Acht en veertig gulden en vier en twintig
cents B. Ispeling 48,24

transcriptie 14.20

Door eene goedkoopere aanbesteding van het hout niet mogelijk was, zoo is daaraan zoomede aan de geheele aanbesteding de goedkeuring verleend.
’s Heerenberg den 4 mei 1867.