NIBBELINKSSTUK

Uit de pachtrekeningen van Huis Bergh blijkt dat in de periode van 1779 tot en met 1811 het Nibbelinksstuk, De Heurnhorste, gepacht is geweest door Stephen Seesink en Jan Elshof; pachters van ’t Goet Seesink. Jan Elshof is de zoon van Frederik Elshof; een zwager van Steven Seesink.

In de documenten staat onder andere:

.

in 1779 [Transcriptie]
Het Nibbelinck stuck de Heurnhorst en het gedeelte bosland daarbij met huijs en hoff en twee koeij weijdenss in den Bosch van het opgemelte Goet Seessinck affgenoomen heeft bij deze Verpagtinge bekomen Stephen Seessinck voor 26 daalder doende in guldens  39 – –
(Bron: Huis Bergh, 0214_4599_024)

in 1795 [Transcriptie]
Het Nibbelinks Stuck de Heurnhorst en het gedeelte bouland daarbij met huijs en hof en 2 koeijweijdens in den Bos van het goet Seesink afgenomen heeft de voorige 6 jaaren in pagt gehad en alnu wederom bekomen voor de voorige 26 daalder stephen Seesink in guldens 39 – –
(Bron: Huis Bergh, 0214_4614_023)

Een deel uit de atlas Carta van Huis Bergh met Het Nibbelinks Stueck en links boven de boerderij ’t Olde Seesink

in 1799 [Transcriptie]
Den Inslag Van het Goet Seesink met ’t vierde pand Spekslag daar bij gelegt vide de rolle folio 72 heeft Jan Elshof, wederom voor voorige 70 1/4 daalder bij deze generaele verpagtinge bekomen daar bij is wederom gelijk het Voorheen geweest is, met den jaeren 1798 gevoegt het gene Stephen seessinck in pagt heeft gehad, bestaande in de Heurnhorst en het gedeelte bosland daer bij aangeleegen het hoofke en twee koeweijdens in den Bosch voor 15 3/4 daelder zijnde het Nibbelings Stuk ook wederom gelijk voorheen onder het gerfland gelegt en het Huijsje daer op staende in 1799 Verkoft, als te zien hier agter fol 40 en aldaar Verrekent word maekende dat deze gemelde 1`5 3/4 daeldder met boven staande 70 1/4 daelder te samen alnu eenen pagt uijt 86 daelder in guldens  129 – –
(Bron: Huis Bergh, 0214_4618_021)

in 1811 [Transcriptie]
Den Inslag van het Goet Zeesink, waer onder thans weder gehoort de heurnhorst, den Hof en de huijs teede met het gedeelte bosland soo Stephen Zeesink in pagt heeft gehad, het Nibbelinks Slag gehorende onder het gerfland, Voorts met het vierde pand Spekslag voor Daalders onder den inslag gelegt vide fol; 64 in de Rolle Van Verpagteinge heeft Jan Elshof de vorige jaar inpagt gehad, en bij deeze generale Verpagtinge wederom bekomen Voor 88 Daeld in Guldens 132 – –
(Bron: Huis Bergh, 0214_4629_026)

nibbelinksstuk

(Bron: het boek Boerderij- en veldnamen in Wisch.)

Het stuk grond ligt links van De Poldert, de boerderij tegenover de boerderij ’t Olde Seesink. Na zijn faillissement in 1774 mocht Stephen Seesink na verloop van tijd  een huisje bouwen nabij de boerderij op ’t Goet Seesink en werd hij in 1779 pachter van het stukje grond het Nibbelinks stuk de Heurnhorste, terwijl zijn zwager Frederik Elshof hem opvolgde als pachter op ’t Goet Seesink.

Het huisje dat Steven Seesink en zijn vrouw hebben bewoond werd vlak voor het overlijden van Steven Seesink niet meer verpacht, maar werd op 7 maart voor fl 560 en 2 stuivers in 1799 verkocht. Niet voor verdere bewoning/verpachting, maar uitsluitend voor de afbraak van de opstal.

[transcriptie]
“Het Nibbelinks stuk De Heurnhorst met het gedeelte bosland daarbij, met 2 koeweidens in den Bosch, en huijs, en hof, heeft Stephen Seesink de vorige 6 jaren in pagt gehad, zijnde denselven bij deeze generale verpagtinge niet wederom tot pagtes aangenomen vermits geresolveert is, het huijsje te verkopen, en het land wederom, als voorheen onder de Steede te leggen.”
(Bron: Huis Bergh, 0214_4616_020/021)

Met andere woorden het stukje grond is weer tot het Goet Seesink gaan behoren.

Daelder
een daeler (daalder, afkorting dal) = 1,5 gulden

Martini
St. Martinus, een veelgebruikte vaste betaaldag, te weten 11 november, de Katholieke feestdag van de heilige Martinus